Welke documenten moeten kredietgevers en kredietbemiddelaars bewaren als bewijs van beroepskennis voor de personen die een beroep hebben gedaan op het overgangsregime?

Tot 30 april 2017 konden bepaalde personen die vóór die datum actief waren in kredietbemiddeling zich beroepen op het wettelijke overgangsregime.

Voor de personen die aangesteld zijn als PCP bij een kredietbemiddelaar, moest men geen documenten aan de FSMA bezorgen via de online-applicatie. Dit was evenmin het geval voor de aangeduide VVD’s en PCP’s van de kredietgevers en voor de kredietbemiddelaars die worden beheerd door centrale instellingen.

De documenten die aantonen dat de betrokken PCP’s of VVD’s bij hun aanstelling in de kredietbemiddeling over de vereiste beroepskennis beschikten, moeten door de kredietbemiddelaar, kredietgever of centrale instelling bewaard worden en aan de FSMA onmiddellijk worden overgemaakt als zij hierom verzoekt.

De documenten die hieronder zijn beschreven zijn geldig als bewijs van beroepskennis, zowel voor een aanstelling als PCP, als voor een aanstelling als VVD in kredietbemiddeling tijdens de overgangsperiode.

Belangrijk is hierbij dat de voordelen van het overgangsregime slechts gelden zolang de betrokkenen in dezelfde rol aangesteld blijven. Iemand die als PCP was aangesteld onder het overgangsregime en na 1 mei 2017 als VVD in kredietbemiddeling actief wordt, zal opnieuw in het examen moeten slagen.

Over welke documenten gaat het concreet?

1. Personen actief in bemiddeling in bank-en beleggingsdiensten

1.1 Bemiddelaars in bank- en beleggingsdiensten en effectieve leiders

Indien zij vóór 1 januari 2015 ingeschreven waren in het register van tussenpersonen in bank- en beleggingsdiensten of aangesteld waren als effectief leider ‘bank’ inzake de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten, moet men geen bewijzen ter beschikking houden van de FSMA.

De FSMA kan zelf nagaan of aan deze voorwaarde van vrijstelling van het bewijs van de beroepskennis is voldaan.

1.2 PCP’s ‘bank’ aangesteld vóór 01/01/2015

Voor personen aangesteld als PCP bij een gereglementeerde onderneming of bij een tussenpersoon in bank-en beleggingsdiensten (PCP ‘bank’) moeten één van de volgende documenten kunnen voorgelegd worden:

  • Een regularisatieverklaring als PCP met volledige kennis in het kader van de wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank-en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten. Deze verklaring moet afgeleverd zijn vóór 01/01/2015.

OFWEL

  • Een attest dat de betrokkene aangesteld was als PCP bank vóór 01/01/2015. Dit attest moet minstens de volgende elementen bevatten:
    • Identificatiegegevens van de betrokken PCP;
    • Identificatiegegevens van de gereglementeerde onderneming of tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten (naam en- KBO-nummer)
    • Periode waarin de persoon was aangesteld als PCP OF een verklaring dat de aanstelling plaatsvond in de periode vóór 01/01/2015.

Indien de huidige kredietgever of kredietbemiddelaar niet de onderneming is waar de PCP oorspronkelijk was aangesteld, moet het attest zijn afgeleverd door de onderneming waar de betrokken persoon als PCP aangesteld was.

1.3 PCP’s ‘bank’ aangesteld tussen 01/01/2015 en 31/10/2015

Voor personen die binnen deze periode aangesteld zijn als PCP ‘bank’ bij een gereglementeerde onderneming of bij een tussenpersoon in bank-en beleggingsdiensten moeten volgende documenten kunnen voorgelegd worden :

  • Een attest dat de betrokkene aangesteld was als PCP ‘bank’ tussen 01/01/2015 en 31/10/2015. Dit attest moet minstens de volgende elementen bevatten:
    • Identificatiegegevens van de betrokken PCP;
    • Identificatiegegevens van de gereglementeerde onderneming of tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten (naam en- KBO-nummer).
    • Periode waarin de persoon was aangesteld als PCP
      OF
      een verklaring dat de aanstelling plaatsvond in de periode tussen 01/01/2015 en 31/10/2015.

Indien de huidige kredietgever of kredietbemiddelaar niet de onderneming is waar de PCP oorspronkelijk was aangesteld, moet het attest zijn afgeleverd door de onderneming waar de betrokken persoon als PCP aangesteld was.

EN

  • Een examenattest van de examens in bemiddeling in bank-en beleggingsdiensten, afgeleverd vóór 01/11/2015. Het gaat hier om de modules 'Basisbeginselen van bank- en financiewezen', 'Compliance' en 'Kredietbemiddeling: hypothecair en consumentenkrediet' in het kader van de wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten.

 

2. Personen actief in verzekeringsbemiddeling

Voor (her)verzekeringstussenpersonen-natuurlijke persoon en VVD’s aangesteld bij een (her)verzekeringstussenpersonen golden de volgende voorwaarden om van een vrijstelling van het bewijs van beroepskennis te kunnen genieten:

  • Zij moesten tussen 1 november 2010 en 31 oktober 2015 ingeschreven zijn als verzekeringstussenpersoon of hierbij als VVD zijn aangesteld.
  • Zij moesten aantonen dat zij in dezelfde periode actief waren in kredietbemiddeling. Dit moest zowel voor hypothecair krediet als voor consumentenkrediet afzonderlijk bewezen worden.

De FSMA heeft deze voorwaarden reeds getoetst bij de inschrijving van de betrokkenen in de registers van de kredietbemiddelaars.

 

3. Personen actief in kredietbemiddeling

Personen die vóór 01/11/2015 actief waren in kredietbemiddeling én vóór 01/11/2015 geslaagd waren in een objectief en meetbaar individueel examen volgend op een gespecialiseerde opleiding in krediet moeten volgende documenten kunnen voorleggen :

  • Een attest dat de betrokkene actief was in kredietbemiddeling vóór 1/11/2015
    Dit attest moet minstens de volgende elementen bevatten:
    • Identificatiegegevens van de betrokken PCP;
    • Identificatiegegevens van de kredietgever of kredietbemiddelaar (naam en KBO-nummer).
    • Periode waarin de persoon was aangesteld als PCP
      OF
      een verklaring dat de aanstelling plaatsvond in de periode vóór 01/11/2015

Indien de huidige kredietgever of kredietbemiddelaar niet de onderneming is waar de PCP oorspronkelijk was aangesteld, moet het attest zijn afgeleverd door de onderneming waar de betrokken persoon als PCP aangesteld was.

EN

  • Een examenattest van voor 1/11/2015 van een objectief en meetbaar individueel examen dat volgde op een gespecialiseerde opleiding inzake krediet en waarvan de FSMA heeft aanvaard dat de inhoud voldoet aan de wettelijke vereisten.

 

4. Personen die geslaagd zijn in het examen theoretische kennis, resp. basiskennis inzake kredietbemiddeling

Personen die na 1 november 2015 het examen theoretische kennis, resp. basiskennis inzake kredietbemiddeling met succes hebben afgelegd, konden dit attest uiteraard als bewijs van beroepskennis voorleggen tijdens de overgangsperiode.