Welke bijscholingsverplichtingen gelden voor bij de bemiddeling betrokken verantwoordelijke personen?

1. Voor kredietbemiddelaars

Om de twee jaar moeten alle betrokken verantwoordelijke personen 5 bijscholingspunten behalen.

Met ingang van 1 april 2018 erkent de FSMA niet langer opleidingen (cursussen), maar accrediteert zij de opleidingsverstrekkers.

Zo loopt het systeem voor bijscholing inzake kredieten voortaan gelijk met het systeem dat reeds bestond voor bijscholing in verzekeringsbemiddeling en bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten (zie verder punten 2 en 3).

Vanaf 1 april 2018 dienen de betrokken verantwoordelijke personen dus (i) ofwel, een opleiding in het kader van de bijscholingsplicht te volgen bij een geaccrediteerde opleidingsverstrekker inzake de kredietbemiddeling (ii) ofwel een opleiding te volgen die vóór deze datum door de FSMA werd erkend zoals deze die zijn opgenomen in FAQ 191.

Opgelet! Er wordt voorzien in een overgangsperiode voor de opleidingen die reeds door de FSMA werden erkend (lijst in FAQ 191). Deze blijven geldig ook als deze pas na 1 april 2018 worden gegeven door de opleidingsverstrekker zelfs indien hij geen accreditatie voor bijscholing inzake kredietbemiddeling heeft bekomen. Elke beslissing van de FSMA om een einde te stellen aan de voorgaande overgangsperiode, zal ruim op voorhand worden gecommuniceerd. Na de overgangsperiode zullen enkel maar de opleidingen die worden gegeven door een geaccrediteerde opleidingsverstrekker van bijscholing inzake de kredietbemiddeling, in rekening kunnen worden genomen voor bijscholing inzake kredietbemiddeling.

De verplichting tot bijscholing, en bijgevolg de eerste tweejarige periode, vangt aan op 1 januari van het kalenderjaar dat volgt op de inschrijving, de aanstelling of de aanduiding van de persoon.

Deze verplichting geldt per statuut: dit wil zeggen dat een bemiddelaar in zowel hypothecair als in consumentenkrediet, voor elk statuut vijf punten moet behalen. Het totaal voor beide statuten is in dat geval dus 10 punten.

Een verantwoordelijke persoon die een erkende opleiding heeft gevolgd in het kader van de bijscholing (binnen de overgangsmaatregelen) of een bijscholing heeft gevolgd bij een geaccrediteerde opleidingsverstrekker inzake de kredietbemiddeling in hypothecair -of consumentenkrediet, ontvangt hiervan een deelnameattest. Dit attest wordt hem door de opleidingsverstrekker persoonlijk verstrekt, op papier of elektronisch.

De deelnameattesten moeten steeds ter beschikking van de FSMA worden gehouden voor eventuele controle.

Meer informatie over de bijscholing vindt u in de Newsflash hierover van de FSMA.

Meer informatie over het ingeven van opleidingspunten in uw inschrijvingsdossier via de online applicatie kan u terugvinden in FAQ 173.

2. Voor verzekerings-, nevenverzekerings- en herverzekeringstussenpersonen

Om de drie jaar moeten alle tussenpersonen-natuurlijke personen en de verantwoordelijken voor de distributie 30 bijscholingspunten behalen bij een geaccrediteerde opleidingsverstrekker.

De verplichting tot bijscholing en bijgevolg de eerste driejarige periode, vangt aan op 1 januari van het kalenderjaar dat volgt op de inschrijving of aanduiding van de persoon.

Uitzondering: de verzekeringssubagent-natuurlijke persoon en de verantwoordelijken voor de distributie van subagenten, moeten om de drie jaar 20 bijscholingspunten behalen.

Een tussenpersoon-natuurlijk persoon of een verantwoordelijke voor de distributie die een opleiding heeft gevolgd in het kader van de bijscholing bij een geaccrediteerde opleidingsverstrekker inzake de verzekeringsbemiddeling, ontvangt hiervan een deelnameattest. Dit attest wordt hem door de opleidingsverstrekker persoonlijk verstrekt, op papier of elektronisch.

De deelnameattesten moeten steeds ter beschikking van de FSMA worden gehouden voor eventuele controle.

Specifieke informatie over de bijscholing vindt u in de sectorale FAQ bijscholing.

Meer informatie over het ingeven van opleidingspunten in uw inschrijvingsdossier via de online applicatie kan u terugvinden in FAQ 173.

Nieuw regime vanaf 1 januari 2020 voor de verzekerings-, nevenverzekerings- en herverzekeringstussenpersonen:

Vanaf 1 januari 2020 zal een nieuw regime betreffende de bijscholing intreden. De (her)verzekeringstussenpersonen, hun effectieve leiders die de facto de verantwoordelijkheid hebben over de werkzaamheid van (her)verzekeringsdistributie, alsook de verantwoordelijken voor de distributie, moeten elk jaar minimum 15 uur bijscholing volgen om hun beroepskennis en vakbekwaamheid actueel en op peil te houden.

Gedurende de eerste drie jaar volgend op hun eerste inschrijving als tussenpersoon of hun eerste aanduiding als VVD of hun eerste aanstelling als de facto verantwoordelijke effectieve leider moet de bijscholing van bovengenomende personen voor minimum 12 uur per jaar gericht zijn op het verwerven van kennis en vakbekwaamheid inzake de verzekeringsproducten die de facto verdeeld worden door hen of door de personen in contact met het publiek waarvoor zij verantwoordelijk zijn of waarop zij het uitzicht uitoefenen.

Uitzondering: De nevenverzekeringstussenpersonen, hun effectieve leiders die de facto de verantwoordelijkheid dragen voor het (her)verzekeringsdistributiebedrijf en de VVD's die zij hebben aangesteld, moeten jaarlijks ten minste 3 uur bijscholing volgen.

Let op: De verplichting tot bijscholing vangt aan op 1 januari van het kalenderjaar volgend op de aanstelling van de betrokken persoon in één van bovengenoemde functies. In afwijking hiervan vangt de verplichting tot bijscholing van personen die vóór 1 januari 2019 in het register van verzekerings- en nevenverzekeringstussenpersonen of in het register van de herverzekeringstussenperosnen zijn ingeschreven of die vóór 1 januari 2019 zijn aangesteld in één van bovengenoemde functies, op 1 januari 2020 aan.

3. Voor tussenpersonen in bank- en beleggingsdiensten

Om de drie jaar moeten alle tussenpersonen-natuurlijke personen en de effectieve leiders van rechtspersonen 30 bijscholingspunten behalen bij een geaccrediteerde opleidingsverstrekker.

De verplichting tot bijscholing en bijgevolg de eerste driejarige periode, vangt aan op 1 januari van het kalenderjaar dat volgt op de inschrijving of aanduiding van de persoon.

Een tussenpersoon-natuurlijk persoon of een effectief leider van een rechtspersoon die een opleiding heeft gevolgd in het kader van de bijscholing bij een geaccrediteerde opleidingsverstrekker inzake de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten, ontvangt hiervan een deelnameattest. Dit attest wordt hem door de opleidingsverstrekker persoonlijk verstrekt, op papier of elektronisch.

De deelnameattesten moeten steeds ter beschikking van de FSMA worden gehouden voor eventuele controle.

Specifieke informatie over de bijscholing vindt u in de sectorale FAQ bijscholing.

Meer informatie over het ingeven van opleidingspunten in uw inschrijvingsdossier via de online applicatie kan u terugvinden in FAQ 173.