Aan welke voorwaarden moeten aandeelhouders van een kredietgever voldoen?

De aandeelhouder van een kredietgever kan zowel een natuurlijke persoon als een rechtspersoon zijn.

Bij het indienen van de vergunningsaanvraag, moet de kredietgever de FSMA op de hoogte brengen van de identiteit van de personen die een deelneming van minstens 20% in het kapitaal bezitten of die de kredietgever controleren. Uit deze kennisgeving moet blijken hoe groot het aandeel is van elk van deze personen en hoeveel stemrecht zij bezitten.

De FSMA zal de geschiktheid van deze aandeelhouders onderzoeken, met het oog op een gezond en voorzichtig beleid van de kredietgever. De FSMA onderzoekt dit onder meer aan de hand van een vragenlijst, die door elke betrokken aandeelhouder moet worden ingevuld. Oordeelt de FSMA dat zij onvoldoende geschikt zijn, dan weigert zij de vergunning als kredietgever.

Wie zich voorneemt om een deelneming in het kapitaal te verwerven bij een vergunde kredietgever waardoor de drempel van 20%, 30% of 50% van de aandelen of de stemrechten wordt bereikt of overschreden, moet de FSMA hierover op voorhand informeren.

Ook hier zal de FSMA onderzoeken of deze persoon over de nodige kwaliteiten beschikt. Zij zal alle noodzakelijke inlichtingen kunnen vragen, met het oog op een gezond en voorzichtig beleid van de kredietgever. Oordeelt zij dat de aandeelhouder onvoldoende geschikt is, dan kan zij zich tegen de voorgenomen verwerving verzetten.